In de loop van de vijftiende eeuw kwamen in Brussel vier geprivilegieerde kamers tot stand waaronder de Lelie. Veel is over deze kamer niet bekend. Haar blazoen, dat op de eerste bladzijde van de “Liber Authenticus” staat, stelt een vaas voor waaruit een lelieplant met zeven bloemen opschiet. Die zeven bloemen stellen waarschijnlijk de zeven weeën voor. In een banderol lezen wij het devies:”In liefde groeit”. Links boven staat de naam Rhetorica en rechts deze van Musica wat er lijkt op te wijzen dat de kamer beide kunsten beoefende.

Het waren de Leliebroeders die op 12 mei 1493 te Brussel een “Dietsch-Fransch rhetoricaal feest” inrichtten waarvan het door Maximiliaan van Oostenrijk verleend “salve-conduyt” geldig van 8 tot 20 mei in de Koninklijke Bibliotheek berust. Deze Leliebroeders waren de “fondateurs ende aanhouders”, de “ierste beginners” te Brussel van de “devote fraterniteyt ende broederschap van de seùen Ween van Onser Liever Vrouwen”.

Dat behalve voor de leden van de Lelie deze broederschap ook openstond voor anderen, viel in goede aarde bij de Habsburgse Vorsten. In het ledenboek “Liber Authenticus”, dat bewaard wordt in het Broodhuis staan Maximiliaan en zijn zoon Filips de Schone vermeld.De band tussen het Hof en de Rederijkerskamer versterkte de invloed van de Franse hofliteratuur en bezorgde de Lelie veel prestige.


Verenigingen paraderen jaarlijks door de Brusselse straten tijdens stoeten en ommegangen. Ze steken elkaar de loef af door achter een grote opvallende vlag te defileren waarmee ze zich als groep identificeren. Maar wie bezit één van de mooiste en rijkst versierde vlaggen?

De toneelvereniging De Noordstar is ongetwijfeld een trotse eigenaar van deze mooie banier in zijde met borduurwerk. Zij gaven de opdracht aan de firma Fonson et Cie in de Brusselse Fabrieksstraat.

Deze onderneming was een zeer bekend atelier in Brussel dat gespecialiseerd was in het polijsten en vergulden van militaire versieringen en edelsmeedkunst. In het midden van de 19de E werd de firma uitgebreid met een borduuratelier. Heel wat Brusselse verenigingen lieten hun vlaggen bij de Fonson et Cie borduren. Ook De Noordstar deed beroep op hun expertise. Deze toneelvereniging werd op 12 november 1872 opgericht door Jules Delcroix en Pieter Defreyn.

 Historiek van de Koninklijke toneelvereniging DE NOORDSTAR

Wij lazen in de notulen : Pieter De Freyn 

Het vergde heel wat moed om een vereniging op te richten, want het voorlopig bestuur besefte dat om een degelijke vereniging leefbaar te maken niet alleen goede wil, geestdrift en idealisme nodig waren, maar ook en vooral financiële middelen. Leden en medewerkers waren er genoeg te vinden, want bewust of onbewust zagen zij er een middel in om zelf kreatief te zijn, om zich verder op te werken of om zich te ontspannen. Met de financiën was het echteranders gesteld. Nu wordt nog wel eens geklaagd, dat de jaarlijkse bijdragen amper de kosten dekken van zaal en decor.
Door de steun van bepaalde toneelminnende personen kon de Noordstar echter blijven voortwerken en uitgroeien tot een van de bedrijvigste verenigingen in het Brusselse. De pioniers hebben de basis gelegd van een gezonde vereniging die, zo wordt gehoopt, nog door vele generaties zal worden overgenomen en verder uitgebouwd."